Rosemarijn vertelt #01 - Vastgebonden en toch vrij
- 16 aug
- 9 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 6 dagen geleden
Verhalen uit het veld over intimiteit, relaties, lichaam en schaduw
Wat shibari mij leerde over controle, overgave en intimiteit

Mijn eerste ontmoeting met shibari
Ik had beelden bij shibari. Beelden waarvan ik eerlijk gezegd niet wist of ik er nu zo warm voor liep. Donkere kelders zag ik voor me, latexpakken, ingewikkeld vastgebonden lichamen en foto's die iets extreems hadden. Shibari hoorde in mijn hoofd thuis in een wereld van bondage en BDSM. Een wereld die me ergens fascineerde, maar waarvan ik ook dacht: is dit wel iets voor mij?
Toch was er iets wat me bleef trekken. Niet eens het vastgebonden worden zelf, maar het ambacht.
Ik heb altijd iets gehad met mensen die hun vak werkelijk verstaan. Mensen die jarenlang oefenen, kijken, voelen, opnieuw beginnen en zich zo lang aan iets toewijden dat hun handen uiteindelijk iets weten wat nauwelijks nog uit te leggen valt. Of het nu een danser is, een muzikant, een lichaamswerker of iemand die met touw werkt: ik kan diep geraakt worden door meesterschap. Misschien omdat ware ambachtskunst iets verraadt over aandacht. Over de bereidheid om werkelijk aanwezig te zijn bij wat je doet.
En dus gingen mijn vrouw Ruby en ik naar Berlijn.
Wat is shibari eigenlijk?
Shibari is een Japanse vorm van knoopkunst waarbij het lichaam met touw wordt gebonden. Veel mensen kennen het, net als ik destijds, vooral vanuit bondage, erotiek en BDSM. Maar het werken met touw kan veel meer betekenissen en ervaringen krijgen. Het kan gaan over esthetiek en ambacht, maar ook over vertrouwen, aandacht, begrenzing, intimiteit, controle, overgave of het spel tussen dominantie en submission.
Dat wist ik inmiddels in theorie.
Maar iets weten en iets aan den lijve ervaren zijn twee totaal verschillende dingen.
Daar zou ik in Berlijn achter komen.
Naar Berlijn om shibari te ervaren
We hadden iemand gevonden die zeer ervaren was in shibari en bij wie we een aantal dagen zouden leren en ervaren. Onze begeleider was queer en non-binair en gebruikte genderneutrale voornaamwoorden. Maar wat mij vooral bijbleef, was iets waarvoor ik eigenlijk geen goed woord heb.
Ik ervoer in hen een bijzondere androgynie. Niet als iets afstandelijks of onbestemds, maar juist als iets heel volledigs. Alsof het mannelijke en vrouwelijke niet tegenover elkaar stonden, maar tegelijkertijd aanwezig konden zijn. Ik voelde kracht zonder hardheid en zachtheid zonder dat die haar kracht verloor. Een hartgedragen mannelijke én vrouwelijke kwaliteit, aanwezig in dezelfde persoon.
Achteraf denk ik dat juist die aanwezigheid een belangrijke rol heeft gespeeld in wat er met mij gebeurde.
Ruby mocht eerst een aantal eenvoudige knopen bij mij leggen. Daarna nam onze begeleider het over.
En daar stond ik dan. Klaar om me vast te laten binden.

Ik ben een vrouw die graag de controle houdt
Wie mij kent, weet dat ik behoorlijk goed ben in controle houden. Ik kan dragen, organiseren, voelen wat er nodig is en verantwoordelijkheid nemen. Ook in mijn werk ben ik al jarenlang degene die aanwezig blijft wanneer er bij een ander veel gebeurt.
Maar diepe ontspanning is voor mij een ander verhaal.
Ik kan er wel komen, alleen moet ik er meestal eerst iets voor doen. Hardlopen bijvoorbeeld, intensief sporten, mijn lichaam flink gebruiken. Als ik hard genoeg heb gewerkt, komt er ergens een punt waarop ik mezelf als het ware toestemming kan geven om los te laten.
Alsof ik diep vanbinnen ooit een overeenkomst met mezelf heb gesloten: ontspanning moet je verdienen.
En toen kwam dat touw.
Onze begeleider begon mij rustig vast te binden. Steeds iets steviger, steeds iets meer begrenzing. Mijn bewegingsvrijheid werd kleiner.
Je zou denken dat iemand die graag controle houdt daar onrustig van wordt. Maar terwijl het touw steeds meer mijn beweging bepaalde, gebeurde er in mijn lichaam iets totaal anders.
Ik gaf me over.
Wat gebeurt er wanneer je de controle loslaat?
Terwijl de touwen om mij heen kwamen, voelde ik hoe een ongekend diepe ontspanning door mijn lichaam trok. Niet omdat ik mezelf vertelde dat ik moest ontspannen. Niet omdat ik een ademhalingsoefening deed of probeerde mijn gedachten stil te krijgen.
Het gebeurde gewoon.
Het was bijna alsof ik werd ingebakerd. Dat beeld kwam onmiddellijk bij me op: een baby die stevig wordt omhuld en juist door die begrenzing kan verzachten.
Ik hoefde nergens heen. Ik hoefde niets op te lossen en ook niet voortdurend te voelen wat de volgende stap moest zijn. Iemand anders droeg voor een moment de structuur en ik hoefde alleen maar aanwezig te zijn binnen de grenzen die het touw om mij heen trok.
En daar, midden in die fysieke begrenzing, ontstond een vrijheid die ik totaal niet had verwacht.
Want misschien is controle niet altijd vrijheid.
Misschien kan controle ook arbeid zijn.
Overgave bleek iets anders dan onderwerping
Wat mij vooral trof, was dat de ervaring voor mij nauwelijks een seksuele lading had. Dat verraste me, omdat mijn vooroordelen over shibari juist zo sterk verbonden waren geweest met seksualiteit, bondage en dominantie.
Voor mij ging het over iets anders.
Over overgave.
Niet de overgave waarbij ik mezelf kwijtraakte, maar een overgave waarin ik juist steeds dieper in mijn lichaam leek te zakken.
Ik ontdekte daar dat overgave en onderwerping voor mij niet hetzelfde zijn. Er was geen gevoel dat iemand iets van mij afnam. Integendeel. Juist doordat ik de controle tijdelijk niet hoefde te dragen, kwam er ruimte vrij.
Natuurlijk was het niet simpelweg het touw dat dit deed. De manier waarop onze begeleider aanwezig was, de afstemming, de aandacht en de veiligheid die ik ervoer waren wezenlijk. Ik voelde dat mijn grenzen ertoe deden en dat ik tegelijkertijd niet degene hoefde te zijn die alles stuurde.
Voor iemand zoals ik is dat een bijzondere combinatie.
Ruby zat erbij en keek ernaar. Zij kent mij natuurlijk goed genoeg om te weten hoe uitzonderlijk die diepe ontspanning voor mij was.
Er verscheen iets in haar blik wat ik met liefde positieve jaloezie zou noemen: hoe krijg jij mijn vrouw zó ontspannen?
En toen was zij aan de beurt.
Hetzelfde touw, een totaal andere ervaring
Toen ik uiteindelijk werd losgemaakt, spraken we na over wat er gebeurd was. Daarna wisselden we van plek en liet Ruby zich binden.
En toen gebeurde iets wat voor mij misschien wel net zo leerzaam was als mijn eigen ervaring.
Onze begeleider benaderde Ruby namelijk niet zoals die mij had benaderd. Vrij snel werd duidelijk dat zij iets anders nodig had. Waar mijn lichaam verzachtte bij gedragen begrenzing, kwam Ruby juist meer tot leven bij stevigheid, spanning en een duidelijker spel met dominantie en overgave.
Het mocht bij haar pittiger. Er kwam meer opwinding in, meer spel, meer kracht. Voor haar zat er juist iets aantrekkelijks in het steviger aangepakt worden en het ervaren van die machtsdynamiek.
Ik keek ernaar en dacht: hoe bijzonder is dit?
Hetzelfde touw. Dezelfde handen. Dezelfde ruimte. En toch ontvouwde zich een totaal ander verhaal.

(foto van een demo van Natsumi Scarlett)
Het touw kent geen betekenis totdat het iemand ontmoet
Misschien is dat wat me het meest is bijgebleven van Berlijn. We willen dingen zo graag definiëren. Shibari is dit. BDSM is dat. Overgave betekent zus. Dominantie betekent zo. Dit is seksueel. Dat is therapeutisch. Dit is kunst en dat is kink.
Maar een mens laat zich niet zo gemakkelijk in een definitie knopen.
Voor mij werd het touw een bedding. Voor Ruby werd het veel meer een spel met kracht, spanning en dominantie. Voor degene die knoopt kan shibari weer iets heel anders betekenen: ambacht, concentratie, esthetiek, volledige aanwezigheid, het lezen van een lichaam en het aangaan van een woordeloze dialoog.
En voor iemand anders kan hetzelfde touw misschien weerstand oproepen. Angst. Verlangen. Irritatie. Opwinding. Verdriet. Een behoefte om te ontsnappen of juist een verlangen om eindelijk eens nergens naartoe te hoeven.
Het touw verandert niet.
Maar degene die het ontmoet wel.
Shibari als spiegel voor onze schaduw
Daar wordt het voor mij als Jungiaans therapeut interessant.
In mijn werk met mensen heb ik door de jaren heen steeds opnieuw gezien dat intimiteit een wonderlijke eigenschap heeft: ze brengt precies die delen van ons naar boven waarvan we dachten dat we ze allang begrepen hadden.
We kunnen jarenlang denken dat we heel zelfstandig zijn en vervolgens verliefd worden op iemand bij wie ineens onze verlatingsangst wakker wordt. We kunnen overtuigd zijn van onze vrijheid en ontdekken hoeveel controle we eigenlijk nodig hebben. We kunnen denken dat we heel goed zijn in ontvangen, totdat iemand werkelijk iets aan ons wil geven.
De ander wordt een spiegel. Het lichaam wordt een spiegel. Verlangen wordt een spiegel.
En soms wordt zelfs een stuk touw een spiegel.
In Jungiaans schaduwwerk gaat het voor mij niet alleen over de donkere of onaangename kanten van onszelf. In onze schaduw kunnen ook kwaliteiten, verlangens en mogelijkheden liggen die niet passen bij het beeld dat we van onszelf hebben leren maken.
Misschien ligt er achter de sterke vrouw die alles kan dragen ook een vrouw die intens verlangt om gedragen te worden.
Misschien ligt er achter degene die altijd lief en aangepast is een enorme levenskracht die wil leiden, grijpen of begrenzen.
Misschien blijkt degene die dacht overgave te verlangen juist te willen ontdekken hoe het voelt om macht te nemen.
We weten het niet.
En precies daar begint voor mij het interessante werk. Niet bij het antwoord, maar bij de ontmoeting met iets in jezelf dat je nog niet kende.
Wat gebeurt er als je lichaam eerder antwoordt dan je hoofd?
Dat is een vraag die steeds opnieuw terugkomt in mijn werk als therapeut en lichaamswerker.
We kunnen prachtige verhalen over onszelf hebben. We kunnen onszelf psychologisch uitstekend begrijpen en precies uitleggen waarom we doen wat we doen.
En dan gebeurt er iets in het lichaam.
Een aanraking. Een blik. Iemand die dichtbij komt. Iemand die afstand neemt. Een grens. Een stuk touw om je lichaam.
En voordat het hoofd zijn analyse heeft afgerond, heeft het lichaam al geantwoord.
Dat vind ik een van de meest fascinerende gebieden van intimiteitswerk. Het lichaam reageert soms anders dan het verhaal dat we over onszelf hebben bedacht. Het trekt samen of opent. Het wil naar voren of naar achteren. Het verlangt, bevriest, ontspant of wordt wakker.
Daarom werken we binnen onze Intimacy and Shadow Worker Practitioner-opleiding niet alleen met woorden en psychologische inzichten.
Intimiteit wordt uiteindelijk geleefd in een lichaam.
Waarom shibari onderdeel werd van onze opleiding
Na onze dagen in Berlijn keken Ruby en ik elkaar aan en wisten we eigenlijk allebei: hier zit iets in wat we onze deelnemers willen laten ervaren.
Niet omdat iedereen shibari zou moeten leren. Ook niet omdat vastgebonden worden automatisch helend, ontspannend of bevrijdend zou zijn. Dat zou veel te eenvoudig zijn.
Juist het tegenovergestelde interesseert ons.
Wat doet het met jóú?
Wat gebeurt er wanneer jij knoopt? Wat gebeurt er wanneer je wordt gebonden? Wat gebeurt er met jouw behoefte aan controle, je grenzen, je vermogen om te ontvangen, je verlangen naar overgave of misschien juist je plezier in het nemen van leiding?
Daarom hebben knoopkunst en binden een plek gekregen binnen onze opleiding. Als een ervaringsgebied waarin je kunt onderzoeken wat intimiteit, begrenzing, verantwoordelijkheid, vertrouwen, macht en overgave voor jou betekenen.
Daarbij zijn deskundigheid, duidelijke afstemming, consent en fysieke veiligheid essentieel. Werken met touw brengt fysieke en emotionele risico's met zich mee en vraagt daarom om kennis, communicatie en voortdurende aandacht voor grenzen. Voor mij was juist die zorgvuldige bedding een belangrijk onderdeel van waarom ik me zo diep kon overgeven aan de ervaring.
Binnen zo'n bedding kan er iets zichtbaar worden wat met woorden soms veel moeilijker te bereiken is.
Een stukje van jezelf.
Wat kan shibari zichtbaar maken over intimiteit en overgave?
Mijn ervaring in Berlijn heeft me vooral geleerd dat shibari geen vaststaand antwoord geeft. Het kan juist vragen oproepen. Hoe ga ik om met controle? Kan ik werkelijk ontvangen? Wat gebeurt er wanneer iemand anders leidt? Kan ik mijn grenzen blijven voelen wanneer ik me overgeef? En wat gebeurt er in mij wanneer ik degene ben die leidt en verantwoordelijkheid draagt?
Dat zijn voor mij geen vragen die alleen bij shibari horen. Het zijn vragen over intimiteit.
Want ook in relaties bewegen we voortdurend tussen autonomie en verbinding, tussen vasthouden en loslaten, tussen leiden en volgen, tussen ons beschermen en ons werkelijk laten zien.
Misschien is dat uiteindelijk waarom deze ervaring zo bij mij is gebleven.
Niets is wat het lijkt
Als ik nu terugdenk aan Berlijn, moet ik soms glimlachen om de beelden waarmee ik daarheen ging.
De kelders. Het latex. De extreme foto's. Mijn idee van wat shibari blijkbaar was.
En dan zie ik mezelf daar weer, stevig omsloten door touw, terwijl Ruby met enige verbazing toekijkt hoe haar altijd alerte vrouw wegzakt in een diepe rust.
Ik dacht dat vastgebonden worden zou gaan over het verliezen van mijn vrijheid.
Mijn lichaam vertelde me iets anders.
Het vertelde me dat er momenten zijn waarop ik niet méér ruimte nodig heb, maar een veilige begrenzing. Dat ik niet altijd degene hoef te zijn die draagt. Dat overgave niet hoeft te betekenen dat ik mezelf verlies.
Misschien betekende het op dat moment juist dat ik een stukje van mezelf terugvond.
En dat is wat intimiteit voor mij zo onvoorspelbaar en fascinerend maakt. We gaan een ervaring binnen met een verhaal over wie we zijn, wat we willen en waar onze grenzen liggen.
En heel soms ontmoeten we daar iemand die we niet hadden verwacht.
Onszelf.
Niets is wat het lijkt.





Opmerkingen